2000 jaar kerkgeschiedenis in twee A4-tjes

maart 19, 2010

Ik zeg u, dat gij Petrus zijt, en op deze petra zal Ik mijn gemeente bouwen en de poorten van het dodenrijk zullen haar niet overweldigen. 
Mt 16:18
Petrus spreekt zijn geloof in Jezus uit en dit geloof is in de eeuwen daarna altijd een cruciale factor gebleken in het overleven van de christelijke ‘kerk’. In de eerste eeuw, toen dat geloof nog ‘jong’ was, groeide de gemeente explosief. Wij kennen de verhalen over Paulus die rondtrok in Turkije en Griekenland. Maar hij was natuurlijk niet de enige. Ook de andere apostelen en hun directe volgelingen trokken er op uit en samen bereikten ze grote delen van het Romeinse rijk en rond 600 AD was het evangelie doorgedrongen tot in India en China.  Vooral nadat rond 300 de Romeinse keizer zelf christen werd en het daarmee ‘populair’ werd (niet gevaarlijk) groeide het percentage van 10% naar 40% binnen zijn rijk.  Maar daarmee ging de kwaliteit meteen terug. Van een gemeente met levend geloof (nodig om de vervolging te doorstaan) werd het christendom tot een kerk met een religie.  Er werd ruzie gemaakt over leerstellingen. De kerkstructuur met de inherente regering ‘van  bovenaf’ nam langzaam de plaats in van een levend geloof. Theologische meningsverschillen brachten  verwijdering tussen de leiders van Oost en West.  Uiteindelijk splitste de kerk in de elfde eeuw in tweeën;  de Roomse kerk onder de Paus en de Orthodoxe kerk onder de patriarch van Constantinopel.  Die was ondertussen door de vanaf 600 AD oprukkende Islam tot hoofd van de oosterse kerk aangesteld.  Maar ondanks de neergang van de kerk als grote geheel laaide er hier en daar steeds weer het vuur van het geloof op. Monniken richtten zich overal op God en motiveerden de mensen om hen heen. Vooral de Ierse monniken bereikten stammen door heel noord-west Europa met het evangelie. Tegelijk trokken de monniken van de grieks orthodoxe kerk het Slavische gebied binnen en leidden heel veel mensen tot de Heer. Net als de Wycliffe Bijbelvertalers van nu stelden ze de lokale talen vast op schrift om zo de Bijbel te kunnen doorgeven in die plaatselijke talen. Dit is de oorsprong van het cyrillische alfabet dat in Rusland en andere oosterse landen gebruikt wordt.
Uiteindelijk kwam het tot een tweede grote splitsing rond 1500 AD. Maarten Luther en Calvijn stonden aan het begin van de protestantse kerken, maar eigenlijk was het (Luther) begonnen om de Roomse kerk weer wakker te schudden. Dat werd niet geaccepteerd, maar toch ontstond er door deze gebeurtenissen een soort opwekking aan beide kanten. De reformatie aan de protestantse kant en de contra-reformatie aan de kant van de achterblijvende Rooms katholieke kerk.
Al snel volgden er meer splitsingen omdat de reformatie van Luther en Calvijn velen niet ver genoeg ging. Men wilde niet alleen terug naar de belijdenis van ‘Geloof en Genade Alleen’ maar ook naar de vormen en gewoontes van de gemeentes van de eerste eeuw. Hieruit ontstonden de denominaties waar de gemeentes onafhankelijk zijn van elkaar – in tegenstelling tot de RK en de Reformatorische kerken die centraal / synodaal ‘geregeerd’ worden. Hier ligt de oorsprong van o.a. de Baptisten gemeentes. Vanuit Amsterdam trokken de eerste Baptisten rond 1600 naar Amerika en later, rond 1850,  kwam deze denominatie weer terug in Nederland. Ondertussen werden de oorspronkelijke reformatorische kerken weer de ‘staatskerken’. Grote instituten met veel macht en rijkdom. Soms met goede gevolgen, in het midden van de 17e eeuw kwam de eerste Nederlandse Bijbelvertaling klaar. Deze Statenvertaling werd door de regering – de Staten Generaal – betaald.  Maar tegelijkertijd nam met het toenemen van die wereldse rijkdom het persoonlijke geloof – de geestelijke rijkdom – weer af. En weer kwamen er lokaal groepen ‘in opstand’ soms met positieve, soms met negatieve gevolgen (verscheidene denominaties ontstonden in dat proces).  Maar ook waren er steeds weer opwekkingen. In de 18e en 19e eeuw rolden er twee golven van opwekkingen door Amerika en Europa. Jonathan Edwards en George Whitefield eerst en later de broers John en Charles  Wesley  hebben hun sporen nagelaten. Niet alleen kwamen er ontelbare mensen tot levend geloof door hun preken en liederen, maar ook het einde van de slavenhandel is een direct resultaat van deze opwekkingen. Kerken zaten vol, de kroegen waren leeg of werden gebruikt om Bijbelstudies en bidstonden te houden…
Ook in Nederland waren er opwekkingen; in 1749 begon het in Nijkerk. Overal kwamen de mensen tot een diep zondebesef en keerden ze tot God. Van daaruit breidde de opwekking zich uit over de Veluwe, naar Aalten (bij Doetinchem) en later naar het Rivierengebied. Dit was de oorsprong van de Nederlandse ‘Bijbelbelt’. 
In het begin van de 20ste eeuw ontstond er een opwekking in de mijnstreek van Wales. Binnen twee maanden bekeerden meer dan 70.000 mensen zich. Ook hier bleven de kroegen leeg en hoorde je overal gebed en het zingen van geestelijke liederen. In de mijnen moesten de paarden wennen aan het nieuwe ‘taalgebruik’ van de mijnwerkers die niet meer vloekten en tierden.
Deze opwekking in Wales werd bezocht door predikanten uit diverse plaatsen in de wereld.  Een opwekking in Los Angeles werd de geboorte van de Pinkstergemeentes en ook in India, Afrika en Latijns Amerika braken opwekkingen uit. De zendingsdrang die er in die tijd ontstond staat aan de basis van de nu snel groeiende kerken in die werelddelen.
De Heilige Geest blijft actief!
En ook nu is de christelijke kerk de snelst groeiende religie in de wereld!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: