Ik zeg u, dat gij Petrus zijt, en op deze petra zal Ik mijn gemeente bouwen en de poorten van het dodenrijk zullen haar niet overweldigen. 
Mt 16:18
Petrus spreekt zijn geloof in Jezus uit en dit geloof is in de eeuwen daarna altijd een cruciale factor gebleken in het overleven van de christelijke ‘kerk’. In de eerste eeuw, toen dat geloof nog ‘jong’ was, groeide de gemeente explosief. Wij kennen de verhalen over Paulus die rondtrok in Turkije en Griekenland. Maar hij was natuurlijk niet de enige. Ook de andere apostelen en hun directe volgelingen trokken er op uit en samen bereikten ze grote delen van het Romeinse rijk en rond 600 AD was het evangelie doorgedrongen tot in India en China.  Vooral nadat rond 300 de Romeinse keizer zelf christen werd en het daarmee ‘populair’ werd (niet gevaarlijk) groeide het percentage van 10% naar 40% binnen zijn rijk.  Maar daarmee ging de kwaliteit meteen terug. Van een gemeente met levend geloof (nodig om de vervolging te doorstaan) werd het christendom tot een kerk met een religie.  Er werd ruzie gemaakt over leerstellingen. De kerkstructuur met de inherente regering ‘van  bovenaf’ nam langzaam de plaats in van een levend geloof. Theologische meningsverschillen brachten  verwijdering tussen de leiders van Oost en West.  Uiteindelijk splitste de kerk in de elfde eeuw in tweeën;  de Roomse kerk onder de Paus en de Orthodoxe kerk onder de patriarch van Constantinopel.  Die was ondertussen door de vanaf 600 AD oprukkende Islam tot hoofd van de oosterse kerk aangesteld.  Maar ondanks de neergang van de kerk als grote geheel laaide er hier en daar steeds weer het vuur van het geloof op. Monniken richtten zich overal op God en motiveerden de mensen om hen heen. Vooral de Ierse monniken bereikten stammen door heel noord-west Europa met het evangelie. Tegelijk trokken de monniken van de grieks orthodoxe kerk het Slavische gebied binnen en leidden heel veel mensen tot de Heer. Net als de Wycliffe Bijbelvertalers van nu stelden ze de lokale talen vast op schrift om zo de Bijbel te kunnen doorgeven in die plaatselijke talen. Dit is de oorsprong van het cyrillische alfabet dat in Rusland en andere oosterse landen gebruikt wordt.
Uiteindelijk kwam het tot een tweede grote splitsing rond 1500 AD. Maarten Luther en Calvijn stonden aan het begin van de protestantse kerken, maar eigenlijk was het (Luther) begonnen om de Roomse kerk weer wakker te schudden. Dat werd niet geaccepteerd, maar toch ontstond er door deze gebeurtenissen een soort opwekking aan beide kanten. De reformatie aan de protestantse kant en de contra-reformatie aan de kant van de achterblijvende Rooms katholieke kerk.
Al snel volgden er meer splitsingen omdat de reformatie van Luther en Calvijn velen niet ver genoeg ging. Men wilde niet alleen terug naar de belijdenis van ‘Geloof en Genade Alleen’ maar ook naar de vormen en gewoontes van de gemeentes van de eerste eeuw. Hieruit ontstonden de denominaties waar de gemeentes onafhankelijk zijn van elkaar – in tegenstelling tot de RK en de Reformatorische kerken die centraal / synodaal ‘geregeerd’ worden. Hier ligt de oorsprong van o.a. de Baptisten gemeentes. Vanuit Amsterdam trokken de eerste Baptisten rond 1600 naar Amerika en later, rond 1850,  kwam deze denominatie weer terug in Nederland. Ondertussen werden de oorspronkelijke reformatorische kerken weer de ‘staatskerken’. Grote instituten met veel macht en rijkdom. Soms met goede gevolgen, in het midden van de 17e eeuw kwam de eerste Nederlandse Bijbelvertaling klaar. Deze Statenvertaling werd door de regering – de Staten Generaal – betaald.  Maar tegelijkertijd nam met het toenemen van die wereldse rijkdom het persoonlijke geloof – de geestelijke rijkdom – weer af. En weer kwamen er lokaal groepen ‘in opstand’ soms met positieve, soms met negatieve gevolgen (verscheidene denominaties ontstonden in dat proces).  Maar ook waren er steeds weer opwekkingen. In de 18e en 19e eeuw rolden er twee golven van opwekkingen door Amerika en Europa. Jonathan Edwards en George Whitefield eerst en later de broers John en Charles  Wesley  hebben hun sporen nagelaten. Niet alleen kwamen er ontelbare mensen tot levend geloof door hun preken en liederen, maar ook het einde van de slavenhandel is een direct resultaat van deze opwekkingen. Kerken zaten vol, de kroegen waren leeg of werden gebruikt om Bijbelstudies en bidstonden te houden…
Ook in Nederland waren er opwekkingen; in 1749 begon het in Nijkerk. Overal kwamen de mensen tot een diep zondebesef en keerden ze tot God. Van daaruit breidde de opwekking zich uit over de Veluwe, naar Aalten (bij Doetinchem) en later naar het Rivierengebied. Dit was de oorsprong van de Nederlandse ‘Bijbelbelt’. 
In het begin van de 20ste eeuw ontstond er een opwekking in de mijnstreek van Wales. Binnen twee maanden bekeerden meer dan 70.000 mensen zich. Ook hier bleven de kroegen leeg en hoorde je overal gebed en het zingen van geestelijke liederen. In de mijnen moesten de paarden wennen aan het nieuwe ‘taalgebruik’ van de mijnwerkers die niet meer vloekten en tierden.
Deze opwekking in Wales werd bezocht door predikanten uit diverse plaatsen in de wereld.  Een opwekking in Los Angeles werd de geboorte van de Pinkstergemeentes en ook in India, Afrika en Latijns Amerika braken opwekkingen uit. De zendingsdrang die er in die tijd ontstond staat aan de basis van de nu snel groeiende kerken in die werelddelen.
De Heilige Geest blijft actief!
En ook nu is de christelijke kerk de snelst groeiende religie in de wereld!

Vergelijkbare verhalen?

maart 19, 2010

Een oefening in Goed Bijbel Gebruik

Zo nu en dan verzorgen Jing en ik een training voor onze collega’s. Een keer was mijn aandeel o.a. een middag studie over verantwoord bijbelgebruik. Dat is een van mijn favorieten omdat het naar mijn idee zo belangrijk is om Gods woord correct uit te leggen en te begrijpen. Maar verder waren we ook betrokken bij het toerusten van nieuwe collega’s in het omgaan met financieën. Nog zo’n belangrijk onderwerp.
Terwijl ik daarover nadacht kwam ineens bij me op dat er iets in de bijbel staat dat een perfecte illustratie is van deze combinatie van lessen.

Die twee gelijkenissen over de talenten (Mt 24,25) en over de ponden (Lukas 19).
Vaak worden die gelezen alsof ze hetzelfde zijn, maar nader bekeken kom je dan toch tot de conclusie dat er een aantal grote verschillen in zitten.
De gelijkenis over de talenten staat in de context van de toekomstige terugkeer van Christus en alles in die context gaat over of de mensen dan klaar zijn om hem te ontvangen. M.a.w. is er geloof?  Ongeacht de kwaliteiten is er maar één beloning. Dat geldt voor de dienaars in Mt 24:45-51, de tien meisjes met hun olielampen in de nacht en ook voor de knechten die de talenten kregen. Overal is de beloning hetzelfde, binnengaan in het feest van de Heer.  Maar de straf is buitensluiting – een eeuwige afscheiding van de Heer die de ongelovigen ‘niet kent’.
In Lucas echter gaat het om een andere zaak. Jezus vertelt deze gelijkenis ‘omdat Hij dicht bij Jeruzalem was en zij meenden, dat het Koninkrijk Gods terstond openbaar zou worden.’
De les uit deze gelijkenis van de ponden is dat het nog een hele tijd gaat duren voor de Heer weer komt, en dat wij in de tussentijd betrouwbaar moeten zijn. Hier krijgt iedereen hetzelfde als uitgangspunt, maar de beloning is niet voor iedereen hetzelfde maar naar ratio van de hoeveelheid ’werk’ dat er gedaan is. Gelovigen worden straks beoordeeld en beloond naar hoe ze geleefd hebben, wat ze hebben gedaan met die ene Grote Opdracht om discipelen te maken.
Dus ongeacht het feit dat deze verhalen vaak gebruikt worden om te praten over goed gebruik van ons geld (ponden/talenten) gaan ze daar eigenlijk niet over. De eerste gaat over het wel of niet aannemen van het evangelie, de tweede over hoe we leven en wat ons getuigenis is naar anderen toe… ( en natuurlijk is dat wel inclusief het gebruik van onze centen ).
In deze tijd is iedereen bezig met geld en zekerheden in dit leven. Maar uit deze twee verschillende gelijkenissen leer ik dat het daar niet om gaat… Het gaat voor ons om hoe wij leven, met of zonder geld… En voor anderen om hoe zij regeren op het aanbod van het evangelie. Dat evangelie waar wij een getuige van mogen zijn.

Openbaring 22:10-14

“Verzegel de woorden van de profetie van dit boek niet, want de tijd is nabij. Wie onrecht doet, hij doe nog meer onrecht ; wie vuil is, hij worde nog vuiler ; wie rechtvaardig is, hij bewijze nog meer rechtvaardigheid ; wie heilig is, hij worde nog meer geheiligd.  Zie ik kom spoedig en mijn loon is bij mij om een ieder te vergelden, naardat zijn werk is. Ik ben de alfa en de omega, de eerste en de laatste, het begin en het einde.”

Dit gedeelte is een stuk van de afsluiting van het boek Openbaring; en net als bij de inleiding in hoofdstuk 1 zien we hier wie de geadresseerden zijn (de rechtvaardigen en de onrechtvaardigen; de gelovigen en de ongelovigen); We zien ook wie de afzender is (Christus, de alfa en de omega); en we zien wat Zijn boodschap aan de lezers, aan ons dus, is…

Jezus komt! Zorg dat je er klaar voor bent!

Verscheidene jaren geleden  hebben we in de kringen in onze gemeente het boek Openbaring bestudeerd. Hier een herschreven studie van de inleiding daarop.

We zijn als christenen allemaal verschillend. Qua culturele en kerkelijke achtergrond, opvoeding, ervaring, kennis, karakter etc. En dat speelt mee in de manier waarop we denken en dingen begrijpen. Het beinvloedt de manier waarop we situaties inschatten, omstandigheden interpreteren en hoe we communiceren. En ook ‘kleuren’die verschillen de manier waarop we de Bijbel begrijpen en daarmee ook hoe we die toepassen. Het is net alsof we met verschillende kleuren brillen naar hetzelfde stuk (witte) papier kijken en dan beschrijven wat we zien… In de afgelopen tijd ben ik me daar steeds meer bewust van geworden door contacten met diverse groepen christenen van verschillende achtergronden. Natuurlijk onze eigen Baptisten gemeente, maar ook diverse personen uit verschillende pinkstergroeperingen, Messiasbelijdende Joden en vrienden vanuit de reformatorische kerken – allemaal serieuze volgelingen van Jezus – die de Bijbel liefhebben en willen volgen. Maar wat een verschillen in de manier waarop we de Bijbel interpreteren en toepassen.

Samen met anderen gaan Baptisten gemeentes in grote lijnen uit van de bedelingenleer waarbij er onderscheid gemaakt wordt tussen de diverse perioden die we tegen komen in de Bijbel (meestal wordt dit niet tot in de details uitgewerkt). Het paradijs, de tijd voor de zondvloed en na de zondvloed (de oudvaders). De periode van Israël, de tijd van Jezus, de tijd na Pinksteren, en de toekomst. En steeds wordt er rekening mee gehouden dat God de mensen in zo’n specifieke periode waarschijnlijk op een andere manier benadert dan in een andere periode (hoewel redding in iedere periode gebaseerd is op de genade en het plaatsvervangend sterven van Christus). Gelovigen voor Moses hadden geen geschreven wet om zich naar te richten en wij hebben nu juist weer meer info om naar te leven… In deze visie zijn teksten uit het OT dus niet (direct) van toepassing op ons als gelovigen van nu – hooguit kunnen we er lessen uit leren omdat we als mens in vergelijkbare situaties terecht komen. Een tweede uitgangspunt is dat onze leer gebaseerd wordt op de dingen die in de NT brieven geschreven worden en niet op gebeurtenissen uit de geschiedenis.

Maar een groep Messias belijdende Joden waarmee ik contact heb lezen de hele Bijbel, Oude en Nieuwe testament ‘met een Joodse bril op’. Voor hun is de hele Bijbel door en voor de Joden; Genesis is de introductie op Gods werk door de Joodse geschiedenis; Handelingen is de geschiedenis van de Joodse gemeente van Christus en in hun ogen zijn de christelijke theologen van de juiste interpretatie afgeweken als ze zeggen dat Paulus in zijn brieven de OT wet aan de kant schoof. In hun visie zouden alle gelovigen de wet moeten volgen als leefregel omdat dat de enige manier is om zo dicht mogelijk te leven naar Gods wil. Als God niet verandert, waarom zouden wij ons dan nu anders moeten gedragen dan de Joden in het OT? En dan spreken we hier niet over de zaak of er redding is door de wet… Nee, dat is alleen door geloof in Christus.

Onze Pinkster broeders en zusters bekijken de zaak weer anders. In grote lijnen wordt er in hun denken geen verschil gemaakt tussen gelovigen van verschillende tijden. En dat betekent dat bijbelteksten uit het OT net zo gemakkelijk aangehaald worden als ondersteuning voor wat wij tegenwoordig moeten of kunnen verwachten en doen dan teksten uit het NT. Waarom zou God in vroegere tijden anders met gelovigen om zijn gegaan dan nu? (Hier komt de zgn ‘prosperity’-theologie vandaan) En als iets in Jezus’ tijd gebeurde is het nu toch ook te verwachten? Een duidelijk verschil met de uitgangspunten van de ‘Baptisten’ is dan ook dat vaak de geschiedenis in de Bijbel een maatstaf is voor wat normaal is / zou moeten zijn. En met dat als uitgangspunt worden de NT brieven gelezen en geinterpreteerd. Een heel bekend voorbeeld: omdat in het boek Handelingen iedereen in tongen lijkt te spreken bij het tot geloof komen wordt dit ook de norm voor de gemeente nu. De scheiding tussen het tot geloof komen en de doop met de Heilige Geest als een aparte gebeurtenis is gebaseerd op de Evangelieen en Handelingen. De discipelen geloofden al wel maar kregen later pas de Heilige Geest. Het gaat er hierbij niet om of de uitingen van de Geest mogelijk zijn of niet, maar of ze – op een bepaalde manier aanwezig moeten zijn…

Tenslotte ‘de bril’ van onze reformatorische medechristenen. In de vroege kerkgeschiedenis lezen we hoe de doop van uiterlijk teken langzamerhand een soort reddende handeling werd en zo de gewoonte ontstond om kinderen zo vroeg mogelijk te dopen – voor het geval dat ze zouden komen te overlijden. Dat werd mede geintroduceerd door de theologie van de kerkvaders dat Israël afgedaan zou hebben en de christelijke kerk daarvoor in de plaats was gekomen. In deze visie bestaat de kerk uit alle gelovigen van alle tijden. Het oude verbond werd ‘vervangen’ door het nieuwe verbond en de kinderen werden door de doop ingelijfd in dat verbond, zoals door de besnijdenis de Joodse jongens deel uimaakten van het OT verbond. Door deze kijk op de Bijbel krijg je dus bijna het tegenovergestelde van de leer van onze Messias belijdende Joodse medegelovigen. Het OT wordt als het ware geherinterpreteerd en vaak vergeestelijkt om het zo toepasbaar te maken voor ons als NT gelovigen. Ook de hele kijk op de toekomst wordt sterk beinvloed door deze manier van Bijbellezen.

Vier verschillende manieren van bijbelinterpretatie. En alle vier worden ze uitwerkt en verdedigd door gelovigen die heel serieus met de Schrift om willen gaan. Maar de uitleggingen zijn hier en daar wel tegenstrijdig en creeren daardoor spanning en wrijving op het moment dat ze tegenover elkaar gezet worden binnen één context. De reformatorische theologie geeft heel veel spanning bij de Messiasbelijdende gelovigen. Onze leer over de doop van volwassenen zou heel wat commotie veroorzaken als we die zouden promoten binnen de Hervormde Kerk/PKN… Hetzelfde geldt ook voor het inbrengen van de Pinksterleer over de doop met de Heilige Geest en het spreken in tongen in onze eigen gemeente. We moeten oppassen dat we niet gewild of ongewild een stuk theologie promoten dat niet past binnen de geloofscontext van de groep waar we op dat moment zijn. Daarmee beschadigen we de eenheid van gelovigen en daarmee ook ons getuigenis. Meningsverschillen over bijbeluitleg zijn normaal en onvermijdbaar. Die worden vaak veroorzaakt door het redeneren vanuit verschillende uitgangspunten. Het is daarom belangrijk om open te staan voor het feit dat er andere Christus gelovigen zijn die anders denken dat wij. Je hoeft het niet met elkaar eens te zijn, maar laten we er voor zorgen dat er geen veroordeling plaatsvindt – in publiek of binnenshuis. Verschillen in mening mogen / moeten besproken worden om duidelijkheid te krijgen en van en over elkaar te leren… Maar niet om elkaar zwart te maken…
De oproep om te streven naar de eenheid in het geloof is voor ons allemaal. We moeten ons concentreren op wat ons bindt en de verschillen niet uit laten groeien tot twistpunten die scheiding brengen.
Zoals Paulus zei: “Want hoewel ik vrij sta tegenover allen, heb ik mij allen dienstbaar gemaakt, om er zoveel mogelijk te winnen; en ik ben voor de Joden geworden als een Jood, om Joden te winnen; hun, die onder de wet staan, als onder de wet – hoewel persoonlijk niet onder de wet – om hen, die onder de wet staan, te winnen; hun, die zonder wet zijn, ben ik geworden als zonder wet – hoewel niet zonder de wet van God, want ik sta onder de wet van Christus – om hen, die zonder wet zijn, te winnen. Ik ben voor de zwakken zwak geworden, om de zwakken te winnen; voor allen ben ik alles geweest, om in elk geval enigen te redden.” 1 Kor 9: 19-22

Dit is hun overkomen tot een voorbeeld (voor ons)…
Serie Najaar 2008 tot Voorjaar 2009

Als mensen tot geloof komen – of alleen maar geinteresseerd zijn – raden we hen vaak aan om de bijbel te lezen… “Begin maar met de verhalen over Jezus in het NT, de tweede helft van de bijbel…” En zolang mensen nog een beetje kennis van de verhalen van de bijbel over hebben – zondagschool in hun jeugd oid – gaat dat wel… Maar wat als iemand er helemaal blanco in komt? Wie begrijpt de noodzaak voor het sterven van Jezus zonder de kennis over de zondeval in Genesis? Wie is gemotiveerd om als christen te leven zonder de kennis over wie God is en wat hij voor visie voor ons mensen heeft? Het OT is een introductie die we nodig hebben om de wereld te kunnen begrijpen. Verhalen die illustreren hoe God met de mensen om gaat / wil gaan. Dus naast het lezen over Jezus is het ontzettend belangrijk om de grote lijn van het OT te leren kennen.
We hebben het OT nodig om het NT te kunnen begrijpen. Het OT is een verhaal waarin toegewerkt wordt naar een conclusie die aan het einde ervan nog niet is bereikt…Een introductie, incompleet tot het NT waar alles uitgelegd wordt …
Sommige van die verhaallijnen / die links tussen het OT en het NT zijn duidelijk en worden vaak bestudeerd…
• De komende messias (verlosser) en de Evangelieen
• De offerdienst en de brief aan de Hebreeen
• De profetieen en de Openbaring aan Johannes
Dit zijn de typische stokpaardjes waar mensen veel tijd in steken om zoveel mogelijk details op een rijtje te krijgen. Geweldig waardevolle studies die meehelpen aan het inzicht dat de bijbel één geheel is. Tot stand gekomen onder regie van de Heilige Geest. Maar ook interessant is om wat meer stil te staan bij wat we kunnen leren van de verhalen in het OT over hoe God met mensen omgaat en wat hij daarin communiceert over onze relatie met hem…
Dit alles is geschied als voorbeeld en waarschuwing voor ons…  1 Kor 10
1 Want ik stel er prijs op, broeders, dat gij weet, dat onze vaderen allen onder de wolk waren, allen door de zee heengingen, 2 allen zich in Mozes lieten dopen in de wolk en in de zee, 3 allen hetzelfde geestelijke voedsel aten, 4 en allen dezelfde geestelijke drank dronken, want zij dronken uit een geestelijke rots, welke met hen medeging, en die rots was de Christus. 5 En toch heeft God in het merendeel van hen geen welgevallen gehad, want zij werden neergeveld in de woestijn. 6 Deze gebeurtenissen zijn ons ten voorbeeld geschied, opdat wij geen lust tot het kwade zouden hebben, zoals zij die hadden. 7 Wordt ook geen afgodendienaars zoals sommigen van hen, gelijk geschreven staat: Het volk zette zich neder om te eten en te drinken, en zij stonden op om te dansen. 8 En laten wij geen hoererij plegen, zoals sommigen van hen deden, en er vielen op één dag drieëntwintigduizend. 9 En laten wij de Here niet verzoeken, zoals sommigen van hen deden, en zij kwamen om door de slangen. 10 En mort niet, zoals sommigen van hen deden, en zij kwamen om door de verderfengel. 11 Dit is hun overkomen tot een voorbeeld (voor ons) en het is opgetekend ter waarschuwing voor ons, over wie het einde der eeuwen gekomen is.

Paulus waarschuwt ons dat we moeten leren van het verleden. Leren van andermans fouten. Daarmee betekent dit bovenstaande niet dat al die gebeurtenissen niet echte gebeurtenissen zijn geweest die alleen maar beschreven zijn als waarschuwing voor ons… Nee…De personen hebben echt geleeft en hun belevenissen is echte geschiedenis. En Gods handelen met hen als individuen is niet een voorspelling voor zijn handelen met ons. De opdrachten en beloftes die hij specifiek aan het volk van Israel gaf gelden voor hen, niet voor ons. Maar we kunnen wel van hun ervaringen leren. Dat is gewoon slim… Laten we eens naar de grote lijnen van het OT kijken om te zien wat we kunnen leren van de relaties tussen God en de mensen.

De Pentateuch of Tora – de vijf boeken van Mozes: Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium – ze geven ons een plaatje van het reddingsproces waar iedereen doorheen mag gaan. Van de beschrijving van ons kern-probleem via de keuze om God te volgen tot aan het ingaan in een nieuw leven.

De historische boeken – Jozua t/m Esther – het leerproces van een leven met God. Een proces van vallen en opstaan. En het uiteindelijke resultaat van een leven in en op eigen kracht.

De poetische boeken – Job, Psalmen, Spreuken, Prediker, Hooglied – Het OT laat je zien hoe je om mag gaan met welke emoties je ook maar kunt ervaren in je leven.

De profeten – Jesaja t/m Maleachi – Gods woorden die ook nu voor ons nog van waarde zijn, beloftes voor nu en voor de toekomst.

Ga je mee, op reis in dit lang geleden opgeschreven, maar nog steeds nieuwe verhalenboek? Op zoek naar oude en nieuwe waarheden die ons kunnen helpen in ons dagelijks leven en onze omgang met de God, de schrijver van dit verhaal?

(Gods onveranderende karakter door de Bijbel heen)

Introductie
Steeds weer hoor je tegenwoordig de opmerking dat ‘die god van het christendom is toch eigenlijk precies zo als die van de Islam – kijk maar naar al het moorden in opdracht in het OT en de kruistochten in het NT’
Zo maar een, via het internet, echt gestelde vraag: ‘…how could the God of Justice in the OT order the slaughtering of non-believers that perhaps never heard the Word and in the NT, while Yeshua turned the other cheek.’
God is onveranderlijk, zijn karakter blijft altijd hetzelfde, hoe komt het dan dat het in het OT dan lijkt alsof God daar veel onverzoenlijker, veel strenger en minder genadig is? Of lezen wij onze Bijbel maar half? Lezen we over dingen heen waardoor we maar een deel van het plaatje zien?
In de komende studie(s) wil ik je meenemen door de Bijbel en zo proberen het totale plaatje helderder te krijgen. God is en blijft dezelfde, van kaft tot kaft, van begin tot eind.
De volgende ‘hoofdstukindeling’ geeft de grote sprongen aan waarmee we door Gods woord gaan, steeds weer kijkend naar Gods acties en reacties in zijn relatie met ons mensen.
De hoofdstuktitels zijn ook de links naar de studies.

Gedachten over het begin (Adam en Eva, Noach)

Twijfelachtige geloofshelden (Abraham, Izaak en Jacob)

Eerst genade en daarna de wet (Exodus tot Jozua)

Een gewaarschuwd volk… (Richteren tot eind OT)

Genade in levende lijve (Evangeliën)

Leven vanuit de genade (Handelingen en brieven)

Alles wordt nieuw (Openbaring)

Ga je mee op deze reis? Reacties nav deze studies zijn van harte welkom…

Hij [Jezus] zeide tot hen [de discipelen]: Dit zijn mijn woorden, die Ik tot u sprak, toen Ik nog bij u was, dat alles wat over Mij geschreven staat in de wet van Mozes en de profeten en de psalmen moet vervuld worden.          Lukas 24:44

De Bijbel was belangrijk voor Jezus, dat weten we allemaal. Maar wat heel veel christenen vandaag de dag vergeten is dat Jezus zijn bijbel alleen maar bestond uit ons Oude Testament. Niks geen evangelieen en brieven van Paulus. Handelingen en de Openbaring aan Johannes bestonden nog niet…
Jezus leerde en leefde vanuit de boeken van Mozes en de andere profeten. Die oude boeken waar wij maar zo zelden preken uit horen tijdens de zondagochtenddienst of studies uit doen tijdens de kringen. De Psalmen zijn de gebeden en liederen die Jezus gebruikte in zijn aanbidding en communicatie met de vader. Hij gebruikte de Spreuken van Salomo om de mensen wijsheid te leren.

Philip Yancey schrijft: ‘Today we need an “Emmaus road” experience in reverse. The disciples knew Moses and the Prophets but could not conceive how they might relate to Jesus the Christ. The modern church knows Jesus the Christ but is fast losing any grasp of Moses and the Prophets.’
En Jezus zegt over dat voor ons zo onbekende oude testament:
“Meent niet, dat Ik gekomen ben om de wet of de profeten te ontbinden; Ik ben niet gekomen om te ontbinden, maar om te vervullen. Want voorwaar, Ik zeg u: Eer de hemel en de aarde vergaat, zal er niet één jota of één tittel vergaan van de wet, eer alles zal zijn geschied”.   Matteus 5:17,18

Die oude geschriften zijn mijn persoonlijke favorieten.
Als ik mijn hebreeuwse Bijbel open – juist, van achteren af omdat hebreeuws van rechts naar links gelezen wordt – zie ik de indeling die Jezus zelf maakte. De Thora, de Profeten en de Geschriften (waarvan de Psalmen de eerste zijn).
Ze geven inzicht in wie God is. En dat niet op een theoretische  manier,  met lijstjes en beschrijvingen van zijn karakter-eigenschappen… Nee, hier leren we God kennen in zijn handelen (of niet). In zijn doen en laten in relatie tot ons mensen en de wereld om ons heen.
Geen theorie maar de praktijk van het dagelijks leven met alle problemen en knelpunten die je maar kunt bedenken.
We zien het Oude Testament vaak als de wet, het boek van de regels waaraan je je moet houden of anders…
Het woord ‘Thora’ betekent trouwens ‘Onderwijzing’ en de wetten die God aan het volk Israel gaf maken daar maar een klein deel van uit. Leefregels die gegeven werden aan een volk dat leefde uit en door de genade van God.
Maar als ik er in duik dan zie ik in het OT verhalen, ervaringen van mensen, illustraties… terwijl het voor velen van ons zoveel bekendere NT bol staat van leerstellingen, theologie,  woorden.
In een serie studies over Genesis noemde iemand de bijbel het boek van herstel. Het is Gods verhaal hoe hij al het kwaad uiteindelijk zal herstellen. Hoe hij de mensheid weer terug zal brengen in Eden. Hoe hij de directe relatie met de mensen , zoals hij die met Adam en Eva had, weer zal herstellen. 
En door het hele boek heen laat hij alvast zichzelf zien en geeft hij informatie over wat hij gaat doen om de schepping te herstellen en hoe het uiteindelijk weer zal zijn. En daarbij speelt de persoon die Messias genoemd wordt een grote rol.

God/Messias/Jezus in het OT
Jezus zei: ‘Ik ben nu al zo lang bij jullie, en nog ken je me niet, Filippus? Wie mij gezien heeft, heeft de Vader gezien. Waarom vraag je dan om de Vader te mogen zien?    Joh. 14:9

Hij [Jezus] zeide tot hen [de discipelen]: Dit zijn mijn woorden, die Ik tot u sprak, toen Ik nog bij u was, dat alles wat over Mij geschreven staat in de wet van Mozes en de profeten en de psalmen moet vervuld worden.       Lukas 24:44

Als we God dan willen leren kennen, zouden we dan niet in die Bijbel van Jezus moeten gaan zoeken? Ben je bijvoorbeeld zelf wel eens op zoek gegaan naar dat alles wat er over Jezus  in het Oude Testament staat?
Wie van ons kan vanuit die Bijbel van Jezus aan iemand anders laten zien dat Jezus de Christus – de Messias – is?  Sommige schrijvers claimen dat er meer dan 300 profetieen in het oude testament staan over het leven en sterven van Jezus… Dat zijn er nogal wat. Waar vind je die? En is het de moeite wel waard om er naar te zoeken?
Als de uitspraken van Jezus hierboven van enig belang zijn, is het waarschijnlijk best wel de moeite waard om er in ieder geval een beetje inspanning voor te leveren.

Ons Oude Testament is de voorbereiding voor de komst van Jezus. De komst waar wij rond Kerst – in ieder geval – over na denken. En een groot deel van de bekende bijbelteksten die we op de kerstkaarten lezen komen uit die oude geschriften.
Misschien is het toch belangrijk om die boeken van het Oude Testament ook zelf weer eens wat meer te openen…
Om God en onszelf daarin beter te leren begrijpen.
Is dat misschien een goed voornemen voor dit komende jaar?